Dossiers
Verslag comissievergadering omgeving en milieu 3 september 2008
De voorzitter geeft aan dat dit punt is geagendeerd op verzoek van de fractie van GroenLinks.
Iedereen heeft de toelichting ontvangen die GroenLinks op dit punt heeft toegezonden. Een van de
belangrijke redenen om het punt te agenderen was insprekers de gelegenheid te geven het woord te
voeren. De voorzitter geeft het woord aan dhr. Abbas, wiens betoog hier integraal wordt
weergegeven.
Dhr. Abbas: “Goedemorgen allemaal. ‘Wees gerust, er vallen nu nog geen doden!’, aldus het
waterschap. Naar aanleiding van de geplande sanering/beheersing van de vuilstort aan de
Meidoornlaan hebben we gemeend u nader te moeten informeren over de gang van zaken
die het gevolg zijn, door provincie en gemeenten, en vooral het feit dat de bewoners hierin
geen enkele rol gespeeld hebben en met deze saneringsvariant opgescheept zitten. Op het
internet hebben we een brief onderschept die als voorinfomatie aan u is verstrekt. Hierin
staan punten die op zijn minst opmerkelijk zijn. In 1991 is er een saneringsonderzoek
geweest van de voormalige stortplaats. Er zijn toen een aantal saneringsvarianten
onderzocht. De saneringskosten werden te hoog bevonden en er is geen uitvoering gegeven
aan de adviezen in dit saneringsonderzoek. De provincie was van mening het hele project in
10
de ijskast te moeten zetten. Hiervan waren de bewoners en zeker niet de huidige bewoners
op de hoogte. Naar onze mening, gelezen de stukken uit het gemeentearchief, is dit bewust
gedaan om de voormalige stortplaats te laten verjaren, zodat de provincie niet meer
aansprakelijk gesteld kon worden, de verantwoording verschoven werd richting gemeente,
waardoor voor de provincie de hoge saneringskosten werden vermeden. In de infobrief van
de Meidoornlaan van de provincie aan de GS-fracties gericht, staat vermeld dat er geen
ontevredenheid is geuit door de bewoners tussen 1991 en 2006. Dit lijkt ons logisch, omdat
de meeste huidige bewoners/eigenaren niets wisten van de voormalige stortplaats aan de
Meidoornlaan. Zelfs via het kadaster dan wel taxatierapporten of hypotheekakten was
hierover niets bekend. Het was zelfs zo dat het bestemmingsplan aangegeven stond als
groenvoorziening in plaats van vuilstort. De gezamenlijke onrust ontstond een maand na de
eerste bewonersbijeenkomst. Toen is een mail verstuurd naar de toenmalige commissaris
van de koningin, dhr. Alders, en daaruit voortvloeiende de gesprekken met gedeputeerde
Bleker. Deze droeg echter kort nadien zijn portefeuille over aan dhr. Slager, die zich het
dossier vuilstort Meidoornlaan eerst eigen moest maken, waardoor er waarschijnlijk onjuiste
persuitingen door hem naar buiten werden gebracht. Zo werd door hem vermeld dat de
vuilstort alleen bestond uit huishoudelijk afval. Dit is een fout antwoord, omdat bij bestudering
van de stukken de gedeputeerde wel weet, dat het een stort is met veel chemisch en
bedrijfsafval. Daarom de vraag hoe de gedeputeerde dit destijds heeft kunnen zeggen en of
hij nu weet dat het om een zeer gevaarlijk chemisch afval gaat, wat al enkele jaren uitloopt op
open water, onder goedkeuring van provincie, gemeente en waterschap. Ook heeft de
gedeputeerde in het tv-programma van SBS6 gezegd dat het de eigen schuld van de
bewoners is dat ze op de Meidoornlaan zijn gaan wonen, want men had kunnen weten dat er
een stortplaats in een tuin lag. Zoals al eerder vermeld, stond dat nergens vermeld. De
plannen zijn dat er een saneringsvariant wordt uitgevoerd, die niet voldoet aan de wensen
van de aangrenzende bewoners/eigenaars van de Meidoornlaan. De bewoners zijn in het
verleden wel bij de uitwerking van de saneringsvarianten betrokken, echter in de
eindconclusie is aan hun opmerkingen geen gehoor gegeven. De gemeente heeft geen
rekening gehouden met de wensen van de bewoners en hebben alleen gekozen voor de
minimaalste milieutechnische variant en vooral: het was de goedkoopste variant. Het was dus
de keus voor het geld en niet voor de kwaliteit. Het is vooral een eeuwigdurende, jaarlijks
terugkomende kostenverslindende oplossing. Ook zouden er volgens het ingesteld
gezondheidsonderzoek geen risico’s zijn voor de volksgezondheid. Wel moest op aandrang
van provincie en gemeente overhaast een gezin verhuizen, omdat uit het TNO-onderzoek
was gebleken dat er verhogingen werden aangetroffen, welke betrekking zouden hebben op
de ftalaten in de tuin rondom hun woning. In een aansluitend gesprek tussen de toenmalig
projectleider professor *Sauwer en de ouders van de kinderen aan de Meidoornlaan heeft
professor *Sauwer aangegeven dat hij niet uit kan sluiten dat de afwijkingen bij de kinderen
niet van de vuilstort komen. In de bewonersbijeenkomst evaluatie gezondheidsonderzoek
draaide professor *Sauwer het hele verhaal om en kon het er niet van komen. Een hoogst
verwonderlijke draai die bij de bewoners een enorme onrust teweeggebracht heeft. Onlangs
is er op 18 augustus 2008 een saneringsoverleg voormalige stortplaats Meidoornlaan
geweest. Een beknopt verslag is in het overzicht bijgevoegd. Hierin werd gesproken dat er
voor de uitvoering van de sanering van de vuilstort nog geen enkele vergunning is afgegeven.
Ons inziens is dit een foute volgorde. Eerst de vergunningen en dan de uitvoering. Ook was
er tijdens deze bijeenkomst een voor ons onafhankelijk Winschoter makelaar aanwezig. Die
beaamde dat de huizen van de bewoners inderdaad een zeer grote waardevermindering
hebben ondergaan sinds er wordt gerept over een vuilstort. In september 2008 zou er
daadwerkelijk een begin worden gemaakt met de sanering van de Meidoornlaan. Dit werd
afgesproken met de toenmalig milieugedeputeerde dhr. Bleker. Dat is destijds de reden
geweest voor het terugbrengen van de beschikking van vier naar twee jaar inzake de
saneringsaanvang. Dit houdt letterlijk in: op die datum de schop in de grond. De gemeente is
momenteel met de voorbereiding bezig en moet alle benodigde vergunningen nog aanvragen.
Het kan nog lange tijd duren voor die zijn afgegeven en er echt begonnen zal worden met de
sanering. Gezien het feit dat de bewoners in allerlei bezwaarschriften en beroepsprocedures
zijn verwikkeld, kunnen ze geen toestemming geven om hun percelen te betreden. Dat zou
de rechtsgang in het geding brengen, een extra belemmering voor een snelle oplossing van
het probleem. Als al vermeld in het eerder verslag is het niet zo dat de bewoners geen
medewerking willen verlenen, nee, ze willen geen medewerking verlenen aan een slechtere
oplossing dan de huidige bestaande situatie. Die slechtere oplossing ligt nu voor met
11
saneringsvariant 2. Zo de plannen liggen, gaan er een leidingssysteem in de tuinen geplaatst
worden met 51 filters en meerdere pompputten, waarbij de vervuilde grond naar een te
bouwen zuivering wordt afgevoerd. Dit betekent dat ook het vervuilde grondwater van de
vuilstort naar de tuinen van de bewoners wordt getrokken en dan daar wordt afgevoerd. In
plaats dat men de percelen ontlast, worden deze extra belast met vervuild uitlopend
grondwater vanuit de vuilstort. Dit zijn de feiten waarom de bewoners met deze variant niet
tevreden zijn. Om verdere uitloging van de vuilstort richting de Meidoornlaan tegen te gaan,
zullen er damwanden geslagen moeten worden en de tuinen moeten vanaf de weg 37 meter
worden afgegraven en opgeschoond, zoals een raadsbesluit uit het verleden aangeeft. Het
lijkt ons in ieders belang een betere oplossing te vinden voor de bewoners en gemeente.
Wanneer deze laatste meer communicatief zou zijn en de trots opzij zou zetten, was een
oplossing dicht bij. Op deze wijze zijn vertragingen en rechtzaken te voorkomen. De
gemeenteraad heeft in november onder druk van de provincie moeten stemmen over
saneringsvariant 2, omdat anders de deadline van september niet gehaald zou worden. De
bewoners hebben via de gedeputeerde om uitstel gevraagd omdat er ontwikkelingen waren
een betere oplossing te creëren voor de bewoners. Wederom werden de bewoners
afgescheept. Zelfs de burgemeester heeft minister Cramer foutief ingelicht door te zeggen dat
de besluitvorming al in een ver gevorderd stadium was en ook de minister niets meer zou
kunnen doen. De veensloot gelegen aan de zuidwestkant van de stort is al jaren vervuild met
klasse IV slib. Dit wordt door het waterschap jaarlijks gesaneerd of in elk geval wordt er slib
op de kant gegooid. Hier zitten echt kankerverwekkende stoffen in. Er is de laatste keer
aangifte gedaan via de milieupolitie en hierin kwam naar voren dat het uitkomende slib
afgevoerd moest worden. In de bewonersbijeenkomst gaf het waterschap toe dat de
vervuiling inderdaad afkomstig is van de stort en er uitloging plaatsvindt middels hun
afwateringssloot. Er is nooit een vergunning aangevraagd voor lozing op het
oppervlaktewater. Er vindt al meer dan twintig jaar verplaatsing van watervervuiling plaats via
het oppervlaktewater van de veensloot. Ons inziens is dat het illegaal plegen van een
jarenlange milieuvervuiling. Het waterschap gaf aan dat er een verzoek naar de gemeente is
uitgegaan om zo spoedig mogelijk met de sanering van de veensloot te beginnen, omdat het
een ongecontroleerde vervuiling uit de stort betreft. Terloops deed de woordvoerder van het
waterschap de volgende opmerking: ‘Wees gerust, er vallen nog geen doden!’ Ik wil u zeggen
dat als u dat hoort – ‘nog geen doden’ – je je inderdaad zorgen gaat maken. Ik weet nog heel
goed dat er gezegd is: de onrust onder bewoners zou dan weggenomen worden. Wij willen
besluiten met de opmerking dat de bewoners van de Meidoornlaan niet de dupe willen gaan
worden van procedures met/tussen of van gemeente, provincie of waterschap, waardoor
gezondheidsrisico’s nog verder verhoogd worden. Wij willen veilig en vooral gezond leven en
wonen en niet overgeleverd worden aan het ons inziens slecht gevoerde beleid, nu en
voorheen, van bovenvermelde instanties. Wij, als eigenaar/bewoners, zijn nu al genoeg
gedupeerd, ook zonder sanering. Dank u wel.”
De voorzitter geeft het woord aan dhr. Van Rooij, wiens betoog hier integraal wordt weergegeven.
Dhr. Van Rooij: “Meneer de voorzitter, de fout die gemaakt is en het juridische moeras
waarin de provincie, maar ook de gemeente en het waterschap in weg zullen zakken als er
niet in overleg goede oplossingen gevonden worden. Het is begonnen in 1954, toen is men
daar zand gaan winnen. Van 1954-1972 heeft men het volgestort. Men heeft het verder
volgestort dan volgens de notariële akte mocht. Men heeft ook binnen de grenzen van 37,5
meter die vrij moesten blijven voor de woningen vuilnis en gevaarlijk afval gestort in strijd met
die notarisakte. Toen is het traject begonnen dat men Nederland schoon wilde maken. Toen
is de interim-wet bodemsanering ontstaan, toen zijn er gelden ter beschikking gekomen. De
meest vervuilde locaties zijn onderzocht, zo ook de Meidoornlaan. Dat heeft geleid tot
oriënterende onderzoeken en nadere onderzoeken en een saneringsonderzoek in 1991. Op
grond van het saneringsonderzoek was het zeer ernstig verontreinigd met allerlei
verschillende stoffen, waaronder ook paks en andere kankerverwekkende stoffen die een
zeer groot risico hebben voor de woon- en leefomgeving. Daar was het plan helder en
duidelijk: men moest gewoon multifunctioneel saneren. Daar had men toen ook het geld voor
ter beschikking gekregen van de overheid, maar dat is kennelijk ergens anders voor gebruikt.
Toen is er geen saneringsplan opgesteld. Toen lag de aansprakelijkheid, de verjaring, nog
gewoon bij de vervuiler. Toen is er een heel traject begonnen om de vervuiler daarvan te
vrijwaren. Het meest ernstige traject is als je een oude stortplaats hebt, dan heb je een
12
milieuvergunningplichtig bedrijf. Een milieuvergunningplichtig bedrijf is dat je het moet
onderhouden en zorgen dat er een ringsloot rond komt, dat het perculaatwater wordt
opgevangen, dat het perculaatwater wordt gezuiverd via de zuiveringsinstallaties, dus daar is
een milieu- en een WVO-vergunning nodig. Dat is toen niet gedaan. Men heeft het in strijd
met het streekplan omgetoverd tot bos. Dat had nooit gemogen. Dat is een eerste juridische
punt: we kunnen gewoon weer een verzoek doen om herziening van het bestemmingsplan,
zodat het weer oude stortplaats wordt. Ik denk dat dat ook nodig is, gezien de gegevens die
we recent hebben, want er zijn resultaten binnen vanuit het waterschap dat het water in de
sloot, maar ook het slib, klasse 4 specie is en dat het vol kankerverwekkende stoffen zit, tot
de meest ernstige concentratie, en dat dat uit de vuilstort komt. Dus men zal gewoon terug
moeten naar een milieuvergunning voor die oude stortplaats. Men zal terug moeten naar een
WVo-vergunning, het perculaatwater zal opgevangen moeten worden en gezuiverd moeten
worden. Ik vraag mij eerlijkheidshalve af – men wist dit al vanaf 1991 – hoe men dit allemaal
heeft kunnen verzwijgen en stil kunnen houden tot op de dag van vandaag. Want vergist u
zich niet: al die tijd hebben daar mensen in vertoeft, er hebben kinderen in kunnen spelen. De
effecten van die stoffen zijn desastreus binnen nu en veertig jaar. Het gaat om de zwaarste
klasse kankerverwekkende stoffen. Dat moeras aan procedures kan daar al beginnen.
Vervolgens is men daar niet mee verder gegaan en heeft men een nieuw saneringsplan
gemaakt, wat volgens mij nog erger is dan wanneer je niets doet, want dan trek je al het vuil
naar de huizen toe en dan ga je het vervolgens weer lozen. Dan blijft dat een continue stroom
geven van de vergiftiging richting de huizen. Er is gevraagd, om dat te bevorderen, om nu wat
metingen te doen. Vorige week of twee weken geleden zijn we daarvoor in het gemeentehuis
geweest. Daar wil men kijken of dat men in die tuinen niet tot een halve meter, maar tot twee
meter kan afgraven. Dat kan niet, want als je daarvoor toestemming geeft, lig je juridisch plat,
om het zomaar te zeggen, want dan geef je toestemming dat men akkoord gaat met deze
vorm van saneren. Toen hebben we gezegd dat dit ook niet kan, omdat het onder de twee
meter ook nog zwaar vergiftigd is. Dat zou schoon moeten blijven, volgens de notarisakte. Is
de grond onder de twee meter dan niet meer het eigendom van de huiseigenaren, neemt de
gemeente dat eigendom over? Nee, nee, dat blijft van de huiseigenaren. Ik kan u vertellen dat
er onder de twee meter nog zoveel verontreiniging zit, dat het meer in de min zit dan wat er
boven aan huis in de plus op staat, dus de WOZ-belastingen heb ik geadviseerd om die op
nul te zetten, ook gezien de jurisprudentie die er is. Plus dat het grondwater op en neer gaat,
dus de verontreinigingen komen weer omhoog en de uitloging van de stortplaats blijft ook
doorgaan. Dus om daar op die manier te saneren, dat heeft geen enkele zin. Vervolgens heb
ik hen duidelijk gemaakt… We hebben een verzoek gedaan aan de provincie om op grond
van het saneringsonderzoek van 1991 een besluit op te nemen om overeenkomstig het
saneringsonderzoek met de wetgeving van toen, toen de zaken nog niet verjaard waren, de
zaak te saneren. Men is dat nog gewoon verplicht, want tussen 1991 en nu zit nog geen
dertig jaar verschil, dus dat stuk is in ieder geval nog niet verjaard, dat men naar aanleiding
van dat saneringsonderzoek nu een saneringsplan moet opstellen om het overeenkomstig de
wetgeving van toen te saneren. We zitten nog te wachten op een besluit. Ik hoop niet dat we
daar tegen een weigering om te beschikken beroep moeten aantekenen bij de Raad van
State en om schorsing moeten verzoeken, want dat geeft alleen maar meer ellende, terwijl we
het allemaal in goed overleg willen oplossen. Dus overleg is het advies. Dan wordt er een
hoop over het hoofd gezien. Wil men daar überhaupt ooit kunnen saneren, dan heeft men
een milieuvergunning nodig, dan heeft men een WVO-vergunning nodig, dan heeft men een
wateronttrekkingskeuring nodig, dan moet het bestemmingsplan eerst aangepast worden,
dan moeten de bedrijven die dat doen, voldoen aan de ARBO-wet en de ARBO-wet geeft
weer een risico-inventarisatie evaluatieverplichting. Vervolgens moet naar aanleiding van die
risico-inventarisatie-evaluatie moet er weer een plan van aanpak gemaakt worden van de
urgentiebepaling. Ik ben zelf, naast het feit dat ik juridisch onderlegd ben, ook hogere
veiligheidskundige. Ik kan u vertellen dat geen één ARBO-dienst daar een risicoinventarisatie-
evaluatie kunnen maken om dit volgens de ARBO-wet op die manier te kunnen
en mogen saneren. Ik denk dat we op een andere manier deze zaak moeten aanpakken. Ik
heb toen aan de gemeente gevraagd: ‘Maak nu eens een overzicht van wat er allemaal aan
vergunningen nodig is, zet dat nu eens in een tijdstraject zodat we weten wanneer we ooit
ergens zo ver zijn dat we alle vergunningen hebben om daar überhaupt te kunnen beginnen
en bespreek dat eens en geef dat tijdsplan met al die vergunningen en alle voors en tegens
en alle problemen en verwikkelingen die erbij zitten, ga die eens bespreken, dan kun je zien
dat je er nooit uit komt. Je komt in een moeras dat steeds dieper zakt en dieper zakt’.
13
Intussen gaan de gevaren gewoon door, waar ook de aansprakelijkheidsstelling richting de
bestuurder… Deze boodschap wil ik gewoon helder kwijt. Treed in overleg en probeer eens
een keer met alle overheden samen te werken, want het is net of dat het allemaal los van
elkaar werkt. Het projectplan om de zaak in beeld te krijgen, is er gewoon niet. Dat was mijn
boodschap. Bereidwilligheid tot overleg is er. Los het gewoon met zijn allen goed op en zorg
dat inderdaad op zijn minst als je het gaat saneren daar een dikke wand omheen komt, zodat
de mensen geen continue uitstroom meer krijgen van de gevaarlijke stoffen uit die belt.”
De voorzitter informeert of er vanuit de commissie aanvullende vragen zijn.
Dhr. Miedema (GroenLinks) stelt dat er heel veel onvrede is bij de mensen aan de Meidoornlaan in
Winschoten, zowel richting gemeente als richting provincie. Mw. Miedema vraagt de insprekers of zij
wel eens zijn benaderd door provincie of gemeente om eens om de tafel te gaan zitten. Is er wel
sprake van overleg?
Dhr. Van Rooij geeft aan dat de bewoners steeds aangeven bereid te zijn om in overleg te gaan. Zij
willen naar een eerlijke, goede oplossing. Er is al genoeg aangedaan en de gezondheid hoort meer te
gelden dan het geld. Als je ziek wordt, kost dat namelijk veel geld, ook de maatschappij. Over een
goede oplossing waar iedereen tevreden over is, willen de bewoners graag praten. Die vraag hebben
de insprekers nog nooit gehad. Dhr. Van Rooij wenst dat in dit overleg bij voorkeur alle partijen
aanwezig zijn.
Dhr. De Vey Mestdagh (D66) merkt op dat de wijze van saneren met betrekking tot de eigen
percelen teweegbrengt dat ze feitelijk ook extra belast worden. Dat zou betekenen dat ze extra
vervuilen. Dhr. De Vey Mestdagh verzoekt om uitleg.
Dhr. Van Rooij verklaart dat de belt vol zit met allerlei soorten chemische stoffen, die ook nog eens
een keer allemaal chemische reacties kunnen geven, waardoor weer nieuwe stoffen en ook gassen
ontstaan. Als je die rattenbrij via pompen of dieplinkpompen naar de huizen toe trekt – want zo is het:
daar het wordt aangezogen – dan trek je dat ook uit die belt en je dat vervolgens gaat lozen… Dat
kan niet, want dan wordt het steeds erger. Dan moet je niet alleen kijken naar de verontreinigingen
die je haalt via het water, maar ook naar de luchtverontreinigingen die erdoor ontstaan. Een hoop van
die stoffen worden onder die condities namelijk gassen. Men weet niet welke gassen er allemaal vrij
kunnen komen. Het komt daar geconcentreerd langs de huizen. Dhr. Van Rooij noemt als voorbeeld
een oude stortplaats in Brabant, daar kwamen arcine gassen omhoog. Bijvoorbeeld ammoniak met
arseenzuur geeft arcine. Dat moet allemaal onderzocht worden. Het is niet onderzocht. Men heeft
gewoon een besluit, los van al dit soort gevaren en mogelijke gevaren, genomen.
Dhr. Swagerman (SP) zou graag willen weten of men enig idee heeft wat de kosten zijn van de
voorkeursvariant van de bewoners: de wand, de dijk en dieper afgraven in de tuin.
Dhr. Van Rooij geeft aan dat als alles bij elkaar wordt geteld en nagaat in wat voor moeras men kan
komen met betrekking tot juridische procedures en de ellende van de ziektes erbij, is dat de
goedkoopste oplossing. Dat is bovendien een oplossing die je kunt blijven handhaven. Als dhr. Van
Rooij nu een verzoek doet aan de provincie om herziening van het bestemmingsplan omdat daar een
milieuvergunning moet komen en dat het weer moet worden beschouwd als oude stortplaats, dan
moet de provincie hem laten winnen, anders wint hij het bij de Raad van State. Er zijn namelijk
simpelweg bewijzen dat die belt uitloogt. Dan zal er ook een WVO… Die is weer gekoppeld en
gecoördineerd aan een milieuvergunning. Dan moet daar bos weg, dan wordt het weer een oude
stortplaats. Dan moet het van boven worden afgedekt. Dan moet er een perculaatwatersloot omheen.
Dat moet allemaal gezuiverd worden. Als men al die kosten bij elkaar optelt, plus alle ellende en de
schade van de mensen door ziektes, de schadeaansprakelijkheid, en deze kosten eerlijk in een
overzicht zet en die kosten – en ook alle ambtenarenkosten, rechters die er mee bezig zijn, want dit
gaat wel tien jaar duren – vergelijkt, zal men zien dat men een dergelijke sanering niet één keer maar
tien keer zo goedkoop uit is.
De voorzitter verduidelijkt dat dit in de economie opportunity costs heet.
14
Dhr. Stoop (PvdD) begrijpt dat een van de problemen bestaat uit de richting van de stroom van de
gevaarlijke stoffen. Hij vraagt of het een technisch probleem is om die richting door een pomp, meer
naar het midden van de stortplaats, om te draaien.
Dhr. Van Rooij verklaart dat dit ook geen zin heeft. Dan houdt je hetzelfde probleem, alleen iets
verder van de huizen af. De uitloging naar de sloten blijft doorgaan. Dhr. Van Rooij heeft recent nog
een bericht gekregen van Hunze en Aa. Als dhr. Van Rooij nu een bestuursdwangverzoek naar
Hunze en Aa dat ze de gemeente op last van een dwangsom die lozing vanuit die belt moeten laten
stoppen, dan moeten zinnen vier weken een besluit nemen dat ze een vergunning moeten
aanvragen. Het is dweilen met de kraan open, dus zal er een milieuvergunning moeten zijn op
diezelfde belt die naar preventie toe werkt, zodat het niet meer uitloopt. Het loogt dan nog tientallen
jaren uit. Men moet kiezen voor een duurzame oplossing. De bewoners willen meedenken aan een
duurzame oplossing.
Dhr. Dieters (PvdA) merkt op dat dhr. Van Rooij in zijn betoog suggereert dat overheden niet met
elkaar hebben overlegd. Dhr. Dieters denkt dat dit overleg wel heeft plaatsgevonden, het proces het
afgelopen jaar volgend. Hij verzoekt om een reactie.
Dhr. Van Rooij geeft aan dat het waterschap weet dat er vanaf 1991 lozingen van zwaar vergiftigde,
tot klasse 4 specie, plaatsvindt vanuit de belt, de omringende sloten. De milieuvergunningverlenende
instantie is in feite de provincie. Dhr. Van Rooij kan zich niet voorstellen dat de provincie dit maar
liefst vijftien jaar lang heeft gedoogd en dit nooit heeft ingebracht in alle vergaderingen hier. Of er is
compleet geen overleg over…
Dhr. Dieters (PvdA) wenst een misverstand uit de weg te ruimen. Het gaat nu om de sanering, niet
om de geschiedenis. Dhr. Van Rooij suggereert dat er geen overleggen zijn geweest met de
overheden. Dat wil dhr. Dieters nader toegelicht zien.
Dhr. Van Rooij had graag een overzicht gezien van alle vergunningen die nodig zijn om tot die
sanering te kunnen komen die door de verschillende instanties verleend moeten worden: door het
waterschap, door de provincie, door de gemeente. Daarbij moet worden gedacht aan
milieuvergunning, WVO-vergunning…
Dhr. Dieters (PvdA) stelt dat dit niet zijn vraag was. Het is hem echter helder wat dhr. Van Rooij erop
antwoordt.
Dhr. Van Rooij geeft aan dat het overleg dan niet heeft geresulteerd in een overzicht.
De voorzitter entameert de eerste termijn.
In eerste termijn
Dhr. Miedema (GroenLinks) merkt op dat het blijkt dat er heel veel onvrede leeft bij de bewoners van
de Meidoornlaan in Winschoten over de voormalige stortplaats aldaar en dat het ook al een heel
lange geschiedenis heeft. Dhr. Miedema vraagt of de gedeputeerde de verschillende vragen die door
de insprekers zijn gesteld, zou willen beantwoorden, met name over het vervuilde grondwater dat
naar de woningen toegetrokken zou worden door de sanering, of de aanpassing van het
bestemmingsplan echt nodig is en hoe dat dan zou moeten en over het vervuild slib op de kant
gooien. Als dat laatste zo gebeurd zou zijn, lijkt dhr. Miedema dat ook een zeer kwalijke zaak.
De sanering. De zaak ligt nu onder de rechter, bij de Raad van State. GroenLinks heeft daar
in het verleden al schriftelijke vragen over gesteld. Dhr. Miedema denkt niet dat het handig is om daar
nu uitgebreid over te gaan discussiëren. Het standpunt van GroenLinks daarover is wel duidelijk:
GroenLinks is in het algemeen meer voor een wat uitgebreidere sanering dan alleen multifunctioneel.
Het zou wel iets breder kunnen.
Het verleden van deze zaak. Dhr. Miedema begint in 1991. In 1991 is er een
saneringsonderzoek gereed gekomen met daarin enkele saneringsvarianten, variërend van volledige
sanering (kosten Fl. 28 miljoen) tot afschermen met folie (kosten Fl. 12 miljoen). Op dat moment is er
echter nooit iets gebeurd met de resultaten van dat onderzoek. Blijkbaar hebben daar ook financiële
problemen mee gespeeld. Dhr. Miedema denkt wel dat dat allemaal relatief is, want als je die kosten
van volledige sanering beschouwt (FL. 28 miljoen is nu € 13 miljoen)… Had men het toen maar
15
gedaan, dan was men nu van een heleboel problemen af geweest! Dhr. Miedema vindt het
schandalig wat er op dat moment gebeurd is, dat zo’n onderzoek vervolgens dertien jaar lang door de
provincie in de kast blijft liggen. Hij verzoekt om een verklaring van de gedeputeerde hoe dat zo heeft
kunnen gebeuren. Het heeft tot ontzettend veel problemen geleid. Volgens dhr. Miedema heeft het
ook sterke mee gespeeld bij de onrust bij de bewoners. Hij wil er echt duidelijkheid over hebben van
de gedeputeerde. Waarom heeft de provincie niet eerder ingegrepen? Wat GroenLinks betreft is het
ook logisch dat de bewoners door een dergelijke gang van zaken het vertrouwen in de overheid
verliezen en dat die mede daarom ook direct een volledige sanering willen.
Tot slot is er even gesproken over het overleg tussen provincie, gemeente en de bewoners,
dat dit tot nu toe nog niet gebeurd was. Dhr. Miedema vraagt of de gedeputeerde bereid is om alsnog
wel met de bewoners hierover te gaan overleggen.
Dhr. Slager (gedeputeerde) vraagt waaruit dhr. Miedema de conclusie trekt dat er geen overleg is
geweest.
Dhr. Miedema (GroenLinks) geeft aan dat hij dit van de bewoners hoort.
Dhr. Haasken (VVD) deelt mee dat onrust en onvrede meestal een gevolg is van onvoldoende
communicatie. Zijn belangstelling ligt nu vooral in de oplossingssfeer. Dhr. Haasken is benieuwd of
het College kan aangeven of dit aanwezig probleem dat er is en de door GS geschetste oplossing via
de kanalen van goede communicatie denkt heen te halen.
Mw. Hazekamp (PvdD) wil allereerst de insprekers van harte bedanken voor hun heldere en
duidelijke betoog. Ze hebben een aantal beschuldigingen geuit richting de provincie, bijvoorbeeld over
het laten verjaren van het geheel, waardoor de provincie er eigenlijk niet meer aansprakelijk voor is,
weinig of misschien wel geen overleg met bewoners en gemeenten en zeker niet over gevolgde
saneringsvariant. Mw. Hazekamp zou graag van de gedeputeerde willen weten of dat inderdaad klopt
en zo ja, waarom dat via die koers is gegaan, of zo nee, hoe het dan kan dat het toch dat beeld bij de
bewoners heeft opgeroepen.
De kosten. Mw. Hazekamp vond het zeer interessant wat dhr. Van Rooij aangaf over de
kosten van de verschillende varianten die zij voorstaan en die hier nu wordt voorgesteld. Zij vraagt of
de gedeputeerde kan toelichten hoe die kosten zijn opgebouwd.
Als wordt gekeken naar brieven die de commissie de afgelopen jaren heeft gekregen over dit
onderwerp, ook bijvoorbeeld over project nastort, wordt daar steeds in aangegeven dat andere
projecten vaak blijven liggen omdat de Meidoornlaan een van de twee projecten is waar heel veel
capaciteit van de provincie naartoe is gegaan. Zeker gezien de beschuldiging dat er toch te weinig
aandacht van de provincie is geweest, zou mw. Hazekamp er graag een toelichting op willen.
Hoeveel tijd is er in gaan zitten? Wat is er precies gebeurd? Het kan toch niet zo zijn dat in 1991 dit al
een klasse 4-gebied is, een urgent geval met onaanvaardbaar risico, en dat hier in 2008 nog steeds
over gesproken moet worden.
Dhr. Dieters (PvdA) bedankt de insprekers voor de informatie. Het is duidelijk dat het hier gaat om
een uiterst gevoelig onderwerp. Dat bleek eind vorig jaar al, toen de gemeenteraad zich erover boog,
toen de provincie de gemeente een sanering oplegde. Dhr. Dieters vindt het interessant hoe het van
een zandafgraving in een stortplaats wordt omgezet, zoals het overzicht dat afkomstig is van de
bewoners, laat zien. Het gaf een beeld waarbij zaken aan de orde zijn, ook binnen de gemeente,
waarbij dhr. Dieters zich afvraagt of ze nog in deze tijd kunnen. Hij denkt dat dit ontkennend
beantwoord moet worden. De insprekers hebben enkele vragen gesteld of lopen nog met een aantal
vragen. Dhr. Dieters hoopt een toelichting van de gedeputeerde te krijgen over de verjaring, de
techniek die hier ter sprake is geweest over de leiding richting de tuinen en over de sloten, klasse 4.
Voorts zou dhr. Dieters van de gedeputeerde willen vernemen hoe het komt dat in het veld wel eens
door ambtenaren uitspraken in de mond worden genomen die dhr. Dieters voorbarig acht. Men kan
ook onrust blijven aanwakkeren door dingen te roepen die achteraf niet onderbouwd kunnen worden.
Dat geeft veel onrust bij bewoners. Dhr. Dieters vindt dat altijd een slechte zaak. Als er iets aan de
hand is, dient men daar open en eerlijk te zijn. Men moet geen suggestieve dingen gaan roepen. Die
neiging heeft dhr. Dieters ten aanzien van andere onderwerpen ook wel eens gehoord, terwijl het
achteraf niet waar blijkt te zijn. Dhr. Dieters noemt het altijd het populaire antwoord. Er zijn ook
partijen bij die daar goed in zijn. Ook dhr. Dieters zit met de lange termijn waarin dit aan de orde is. In
1991 is het saneringsonderzoek geweest. Het is bijna zo dat bij het aantreden van de huidige
16
gedeputeerde er vaart in is gekomen, omdat een opdracht werd verstrekt om dat te doen. Dhr.
Dieters wil er meer over weten. Ook hier in de commissie worden daar vragen over gesteld.
Dhr. Dieters heeft een vraag aan GroenLinks. Hij vindt eigenlijk ook dat je het volledig moet
saneren. Dat vindt GroenLinks. Dan wil dhr. Dieters ook van dhr. Miedema vernemen dat coûte que
coûte, wat ook de uitkomst is, GroenLinks dat wil financieren en dat GroenLinks dan in de provinciale
begroting aangeeft hoe dit gefinancierd dient te worden, ook naar de gemeente toe. Dan is men ook
naar de bewoners eerlijk. Dhr. Dieters kan ook wel roepen dat alles verwijderd dient te worden, maar
er is een financieringsvraagstuk. De bewoners zeggen dat het sowieso dient te gebeuren, maar dhr.
Dieters wil van GroenLinks weten dat als er een verzoek komt – hij denkt nog even aan de NPIoplossing,
€ 50 miljoen – GroenLinks bereid is om dat te financieren. Dan is de zaak helder.
Dhr. Abbes (CDA) zal niet ingaan op allerlei technische aspecten van dit verhaal. De CDA-fractie
volgt dit gebeuren rond de Meidoornlaan al sinds het voorjaar. Er is regelmatig contact geweest met
de afdeling in Winschoten, enige bewoners. Een van de insprekers kent dhr. Abbes ook van die
bijeenkomsten. Beide insprekers komen nu toch met veel zaken die serieus genomen moeten
worden. Dhr. Abbes zou willen inzoomen op een oproep richting de gedeputeerde: het is duidelijk dat
het niet alleen gaat om goede procedures volgen. Naar de mening van de CDA-fracties waren die
procedures aardig goed verlopen in de afgelopen maanden. De insprekers laten een ander geluid
horen. De punten zijn van een dermate ernst dat er duidelijk meer nodig is dan goede procedures.
Dhr. Abbes wil dit benadrukken. Hij roept de gedeputeerde op om het initiatief te nemen om het
gesprek met de betreffende instanties en de bewoners aan te gaan om dit schip een beetje vlot te
trekken. Vertrouwen is in dit geval een groot goed.
Mw. Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat het punt van overleg met de bewoners al aan de orde is
gesteld door de insprekers zelf en enkele partijen. De fractie van de ChristenUnie wenst hier een
toelichting op te ontvangen wat de gedeputeerde verstaat onder het nauwe overleg met de bewoners
waar de saneringsvarianten in zijn besproken. De besluitvorming voor de keuze van deze
saneringsvariant heeft gelegen bij de gemeenteraad. Mw. Van der Graaf informeert of het College
inzicht kan verschaffen in de afwegingen die daarbij zijn gemaakt. Zijn deze louter financieel, zoals
wordt gesuggereerd? Heeft het College hier zelf ook rekening mee gehouden in het provinciale
besluit om in te stemmen met het saneringsplan? Mw. Van der Graaf wil aansluiten bij de opmerking
van dhr. Haasken om meer richting een oplossingssfeer te komen. Wat ziet de gedeputeerde binnen
zijn machten te doen om onrust weg te nemen en zo snel mogelijk tot een goede oplossing te komen
in deze zaken, natuurlijk rekening houdend met de uitspraak van de Raad van State die verwacht
wordt?
Dhr. Swagerman (SP) wil de insprekers bedanken, met name voor de tijdstabel die zij hebben
geleverd, want als je ziet hoe dat loopt, dan verdient dat op zijn minst geen schoonheidsprijs. Dhr.
Swagerman acht dit een zeer voorzichtige uitdrukking. Een groot gedeelte zal gebaseerd op
onwetendheid, ondeskundigheid, geldgebrek. Men zou bijna wensen dat er tussen 1991 en nu maar
een klokkenluider of een ‘Duyvendakje’ was geweest, dan zou het probleem misschien voor
beduidend minder miljoenen opgelost kunnen worden. Er moet hier een oplossing voor bedacht
worden. Dan kan men wel zeggen dat het € 60 miljoen gaat kosten. Dat is dan jammer, dat moet dan
maar opgehoest worden. Dhr. Swagerman is het met dhr. Dieters eens dat dat een vrijwel
onmogelijke opgave is. Dhr. Swagerman roept derhalve op om in overleg te gaan en te proberen om
te voorkomen dat alle mogelijke instanties aangeschreven worden tegen elkaar. Daar schiet men
niets mee op, dat betekent dat het nog veel langer gaat duren, het betekent dat de oplossingen er niet
komen, zeker niet tijdig, zowel voor de provincie, gemeente als voor de mensen die daar wonen.
Tussen de regels door heeft dhr. Swagerman een heel goed voorstel gehoord over een oplossing die
dan wel niet de goedkoopste zal zijn, maar die ook niet de maximale oplossing zal bedragen. Als de
provincie samen met de mensen tot die oplossing kan komen, en een heleboel van die regels die
opgenoemd zijn kunnen misschien worden omzeild, want je valt werkelijk helemaal van je stoel als je
hoort wat er allemaal bewogen moet worden aan commissies, besluitvorming, links, rechts, etc. Dhr.
Swagerman denkt dat men het voor elkaar moet zien te krijgen. Dan kan het misschien binnen een
paar jaar in plaats van tien tot vijftien jaar.
Dhr. De Vey Mestdagh (D66) stelt dat als hij de bezorgde bewoners probeert te begrijpen, het
eigenlijk op twee aspecten zit: de duurzaamheid van de oplossing en de gezondheidrisico’s die dan
overblijven. Wanneer dhr. De Vey Mestdagh de brief van de gedeputeerde daarover leest, wordt ten
aanzien van de gezondheidsaspecten aangegeven dat er geen problemen zijn. Daar zit een verschil
17
van inzicht in wat in elk geval weggenomen moet worden op de een of andere manier, hetzij door
meer saneren, hetzij door duidelijk te maken waarom dat dan zo is en pogen te overtuigen daarin.
Wat de duurzaamheid van de oplossing betreft, zit dhr. De Vey Mestdagh een beetje met de
grondwaterstromen die worden aangegeven, het uitlogen, met name dat het zijn weg blijkbaar toch
blijft vinden naar het oppervlaktewater en naar de waterbodems. Hij vraagt de gedeputeerde of dat in
zijn visie wel een duurzame oplossing is.
De voorzitter geeft het woord aan de gedeputeerde met het verzoek om niet het hele dossier van A
tot Z door te lichten en toe te lichten.
Dhr. Slager (gedeputeerde) vindt het verleidelijk om dit juist wel te doen, omdat het een heleboel
zaken zou kunnen ophelderen. De gedeputeerde heeft er behoefte aan om dat op een aantal punten
te doen. Samen met enkele sprekers zou hij willen zeggen dat men niet in 1953 gaat beginnen om te
kijken wat er toen allemaal al fout is gegaan en de hele historie nog eens een keer weer doorspitten.
Hij heeft zelf ook kennis kunnen nemen van wat er in de afgelopen periode gebeurd is. Dhr. Slager
heeft dit dossier zich eigen moeten maken, hetgeen een heel normale zaak is. Dhr. Slager heeft ook
geconstateerd – en dat geeft hij gewoon toe – dat er in die procedure zaken niet goed zijn gegaan.
Dhr. Swagerman zei zo-even dat het geheel geen schoonheidsprijs verdient. Dat is de gedeputeerde
met hem eens, het verdient inderdaad geen schoonheidsprijs. Maar om nu uitgebreid te gaan
discussiëren wat de provincie in de jaren ’60, ’70 of ’80 had moeten doen, lijkt hem niet zo zinvol en
dat is ook niet zijn instelling bij dit soort problemen. Dhr. Slager kijkt liever vooruit en naar wat eraan
gedaan kan worden om deze problematiek op te lossen. Hij heeft het gevoel dat men daar op een
goede manier mee bezig is de laatste twee jaar. Wat betreft de situatie van de rol van de provincie,
gemeente, bewoners, etc. zou dhr. Slager willen zeggen dat men goed moet onderscheiden dat de
sanering door de gemeente Winschoten gebeurt. Het is niet een sanering van de provincie. De
provincie is er wel bij betrokken. De provincie heeft er overleg over gevoerd, niet één maal, maar vele
malen, om te kijken wat een goede oplossing was. De rol van de provincie is eigenlijk niet anders dan
te beoordelen of het besluit dat de raad van Winschoten heeft genomen, aan de eisen van sanering
voldoet. De conclusie van de provincie was dat dat het geval is. Dan is het waar dat er andere
varianten denkbaar zijn. Het kan op verschillende manieren worden aangepakt. De één is ingrijpend
op het ene terrein, de ander is ingrijpend op het andere terrein. Allerlei varianten zijn mogelijk, maar
de prijs van die varianten varieert ook heel sterk. De naam van minister Cramer is bij het inspreken
genoemd. Die heeft zich ook met deze zaak bemoeid in een bepaalde fase. Ook daar is de conclusie
getrokken – dus van de zijde van het ministerie van VROM – dat dit een goede methode van saneren
is, een betrouwbare methode. Er is dus geen sprake van dat het wat prutswerk, half werk is. Het is
een goedgekeurde methode van saneren. Dan is er toch onvrede bij de bewoners. Dhr. Slager werpt
verre van zich dat hij niet bereid is om overleg te plegen met de bewoners. Dat heeft hij ook gedaan.
Hij kan zich niet voorstellen dat ooit een verzoek van bewoners gedaan is in zijn richting en dat er van
de zijde van de provincie is gezegd dat men weigerde in contact te treden. Het overleg is er wel
geweest. Dhr. Slager heeft dhr. Abbas bij hem aan het bureau gehad. Er is uitvoerig over gesproken.
Men is wel tot de conclusie gekomen dat men het samen niet eens is. Dat was een heel duidelijke
conclusie. Men heeft een verschillende visie op deze zaak, maar men heeft er naar gevoel van de
gedeputeerde een heel goed gesprek over gehad. Ook het contact met de gemeente Winschoten is
er wel degelijk veelvuldig geweest, ambtelijk zowel als bestuurlijk.
De vragen die zijn gesteld. Slib op de kant door het waterschap. Er is inderdaad verontreinigd
slib door het waterschap op de kant geplaatst. Dat is de provincie ter ore gekomen. Daar is een
handhaver bij geweest. Die heeft daar proces-verbaal van opgemaakt. Dus het is niet een kwestie dat
men het maar laat liggen, er is wel degelijk aandacht aan besteed.
De filters. Als je die filters aan de kant van de huizen zet, trek je daardoor dan niet de
vervuiling steeds verder richting bewoners, richting de Meidoornlaan? Het is niet zomaar gedaan, er is
onderzoek naar gedaan. Er is een geohydrologisch model opgebouwd. Dat betekent dat er onderzoek
is gedaan naar de stromen in de bodem. Daar is geconstateerd dat er door deze methode van
saneren geen stromingen naar de woningen worden toegetrokken, maar juist naar die buizen waar
men de vloeistoffen aan de bodem wil onttrekken. Die worden vervolgens gesaneerd, gezuiverd en
dan verder verwerkt. Het College is dus van mening dat dat niet tot gevolg zal hebben dat daardoor
juist extra vervuiling zal optreden bij de woningen aan de Meidoornlaan.
De opmerking dat de provincie het allemaal maar een beetje op zijn beloop heeft gelaten. De
gedeputeerde weet niet of dat zo is. Hij heeft nergens in de stukken kunnen vinden dat er sprake is
van een bewuste verjaring. Daarom denkt hij dat dit geen rol heeft gespeeld. In 1991 is er
geconstateerd dat er iets moest gebeuren. Waarom is er toen niets gebeurd? Dhr. Slager kan daar
18
naar gissen, hij was toen geen gedeputeerde, al is hij misschien wel verantwoordelijk voor wat zijn
ambtsvoorgangers destijds hebben beslist. Men moet zich realiseren dat in 1991 heel anders werd
omgegaan met bodemsaneringen dan nu. Er is toen geconstateerd dat er moest worden ingegrepen.
Toen was de interim-wet bodemsanering van kracht. Die gaf de provincie niet de mogelijkheid om iets
dwingends op te leggen. Wel de minister, maar niet de provincie. Men zat een beetje met het
probleem in de maag. Het kost veel geld. Dat geld is niet beschikbaar. Dus is het er op dat moment bij
gebleven, vooral ook omdat toen door nieuwe wetgeving er een inventarisatie heeft plaatsgevonden
wat er nu precies in de provincie was, hoe erg de situatie is. Op grond daarvan is een soort prioriteit
vastgesteld. In september 2006 heeft het College een besluit genomen dat daar iets moet gebeuren.
Normaal is daar een termijn van vier jaar voor. Op aandrang van de omwonenden is destijds gezegd
dat de gemeenten Winschoten niet over vier jaar iets klaar moet hebben, maar over twee jaar. Nu
wordt er door dhr. Van Rooij gezegd dat het nog lang niet voor elkaar is, er moet nog een heleboel
geregeld worden, etc. Dat zou best zo kunnen zijn. Misschien wordt straks geconstateerd dat de
provincie te krap is geweest met die twee jaar en dat het toch vier jaar had moeten zijn. Twee jaar
geleden is de beslissing genomen dat er nu gesaneerd moet worden. Die opdracht is aan de
gemeente Winschoten gegeven. Winschoten is daarmee bezig. Officieel moeten ze daar deze maand
mee beginnen.
In reactie op de opmerking van dhr. Miedema dat het schandalig is, maar de gedeputeerde
kan het niet meer veranderen. Hij is het eens met de opmerking dat het geen schoonheidsprijs
verdient, het is niet allemaal gegaan zoals het had moeten gaan. Dhr. Slager wil graag vooruit kijken
en naar oplossingen werken.
De kosten. Er zijn verschillende varianten, allemaal met een eigen prijs. Winschoten heeft
gekozen. Mw. Van der Graaf vraagt of de financiële kant van de zaak een rol heeft gespeeld. De
gedeputeerde denkt van wel. Met een slag om de arm geeft hij aan dat de meest optimale variant
misschien wel: alles daar uitgraven, alles weghalen, schoon zand erin en klaar. Misschien, want men
moet zich realiseren dat je dan wel weer gaat roeren in het spul dat dhr. Van Rooij zo uitvoerig heeft
beschreven. Zodra je daarin gaat roeren, moet je je nog maar afvragen of volledig afgraven de beste
oplossing is. Het is tegelijk ook de duurste oplossing. De Staten kunnen daarvoor kiezen, maar dan
moeten zij ook aangeven hoe het College of hoe Winschoten het moet financieren. Financiën hebben
dus wel degelijk hierin een rol gespeeld, maar wat nog veel meer een rol heeft gespeeld, is de vraag
of deze methode van saneren een goede manier van saneren is. Het antwoord daarop luidt
bevestigend. Dan moet je je wel gaan afvragen of er andere methoden zijn en of je daar
maatschappelijk geld aan wilt besteden om het op een andere manier te doen. Was deze methode
niet toereikend geweest, had je een heel andere discussie gehad.
De voorzitter geeft de insprekers de gelegenheid om te reageren.
Dhr. Abbas merkt op dat er communicatie is geweest tussen de gedeputeerde en de bewoners. De
communicatie is echter vanuit de bewoners gekomen. Er is ook een gesprek geweest met de
provincie. Het is wel zo dat de gedeputeerde daar al met zijn mening klaarstond en het daarom niet
met de bewoners eens kon zijn. De bewoners vragen niet om een totale sanering. Dat is, zoals de
gedeputeerde zelf ook aangeeft, niet te betalen. Er kunnen gewoon damwanden omheen worden
gegooid, de tuinen kunnen worden aangepakt en opgehoogd. Er kan een leuke woonomgeving van
worden gemaakt, waardoor de huizenprijzen weer gaan stijgen en de bewoners van de vuilstort af
zijn. Dat is voor de bewoners van groot belang. Het gaat er niet om of de sanering werkt volgens de
statistieken van sanering, het gaat erom dat de mensen die daar wonen, gerust en veilig kunnen
wonen. Als dat € 2 miljoen extra moet kosten, dan moet dat maar. De sanering had al moeten
beginnen. Iedereen kan wel zeggen dat er allerlei dingen aan de hand zijn – de wethouder in
Winschoten zegt al dat de bewoners geen sanering willen, maar dat klopt niet. De bewoners willen
geen huidige sanering. Zij willen een sanering waar zij ook iets aan hebben en er niet op achteruit
gaan. Als dhr. Abbas ziet dat zijn huis nog € 40.000 waard is, hoopt hij dat dit de gedeputeerde nooit
zal overkomen.
De variant. In november moest de gemeenteraad kiezen voor een variant. Dat is variant 2
geworden. In de eerste instantie zijn de stemmen gestaakt, omdat men het er niet over eens kon zijn.
Daarna is er eigenlijk onder druk van de provincie – en dhr. Abbas meent ook van de gedeputeerde –
aangegeven dat als er niet gekozen werd voor variant 2, er dan financiële consequenties aan vast
zaten. De bewoners willen gewoon damwanden. De kosten liggen iets hoger. € 2 miljoen is veel geld,
maar de bewoners van nu en vooral in de toekomst wonen dan veilig en schoon. Dan kan altijd
worden gekeken wat men in de toekomst met de vuilstort kan doen. Dan kunnen de bewoners ook de
commissaris van de koningin aankijken en vragen of gezamenlijk afgesproken kan worden dat als er
19
wel een duurzame sanering komt, Winschoten daar in meedraait. Dhr. Abbas hoopt dat de provincie
dat voor de bewoners wil doorzetten. De bewoners willen graag damwanden in de tuin, opgeschoond,
om gezond en prettig te leven.
Dhr. Van Rooij geeft aan dat in strijd met de notarisakte ook in tuinen tot 37,5 m is gestort. Als het
uitgangspunt is: een damwand er overheen en onder die damwand een pijp met gaten, zodat het
perculaatwater opgevangen kan worden in die pijp en via de zuiveringsinstallatie van het waterschap
gezuiverd kan worden, is dit volgens dhr. Van Rooij de goedkoopste oplossing. Het is een oplossing
waar toch nog een stukje goed wordt gedaan aan de bewoners met alles wat ze verkeerd hebben
gedaan. De huidige variant is feitelijk het indirect lozen naar de Waddenzee. Dat kan toch nooit de
bedoeling zijn?
In tweede termijn
Dhr. Miedema (GroenLinks) stelt dat er kritiek op GroenLinks werd geuit omdat GroenLinks in alle
gevallen voor volledige sanering zou zijn. Dhr. Miedema heeft alleen gezegd dat GroenLinks in zijn
algemeenheid voor volledige sanering is. Vervolgens zul je per geval moeten bekijken of dat ook
mogelijk is en ook betaalbaar is. Het is zeker zo dat als dat in het verleden was gebeurd, het nu heel
veel geld en problemen had kunnen besparen. In zijn algemeenheid blijft het punt staan dat je bij
volledige sanering in elk geval van alle problemen af bent. Door werd nu net ook nog aangegeven dat
zij ook niet perse volledige sanering wensen, maar in elk geval een oplossing die voor hen een
oplossing is. Dhr. Miedema verzoekt om een reactie van de gedeputeerde.
Dhr. Miedema vond dat de gedeputeerde wel heel gemakkelijk heen ging over de situatie in
1991, dat het onderzoek veertien jaar op de plank is blijven liggen. Feit is wel dat dat wat er toen
gebeurd is, nu al die problemen oplevert. Er zijn andere gevallen, zoals bij de rioolpersleiding, waarin
ook heel veel mis is gegaan. Dhr. Miedema vraagt zich af wat voor andere lijken er nog uit de kast
komen op dit gebied. Hij maakt zich daar echt zorgen om. Wat hem betreft gaat de gedeputeerde hier
nog even schriftelijk op in hoe dat heeft kunnen gebeuren. Er dhr. Miedema ter orde gekomen dat er
in 1991 vanuit Den Haag geld beschikbaar zou zijn geweest voor die sanering. Dan had het de
provincie niet eens geld hoeven te kosten. Dhr. Miedema verzoekt om opheldering hierover.
Een vraag over de hele bestemmingsplanprocedure is nog niet door de gedeputeerde
beantwoord.
Dhr. Stoop (PvdD) heeft in de laatste ronde heel concrete voorstellen van de bewoners gehoord. Hij
is nieuwsgierig of dhr. Slager vindt dat dit op het bordje van de Staten ligt of van de gemeente.
De voorzitter constateert dat dhr. Stoop doelt op Gedeputeerde Staten.
Dhr. Haasken (VVD) heeft goede nota genomen van de opmerking van de gedeputeerde dat de
gemeente hier de eerst verantwoordelijke partij is. De gemeente is met een technische oplossing
gekomen. Gevoelens van onvrede en onrust laten zich lang niet altijd wegnemen met een
technocratische oplossing.
Mw. Hazekamp (PvdD) stelt dat de prijs van verschillende varianten sterk varieert. Zij hoort nu van de
insprekers dat hun variant circa € 2 miljoen extra gaat kosten. Mw. Hazekamp informeert over wat
voor orde van grootte van bedragen het hier gaat.
Dhr. Dieters (PvdA) kan zich aansluiten bij de woorden van dhr. Haasken over die technologische
oplossing in combinatie met de emotie van mensen. Hij was inderdaad kritisch naar GroenLinks,
omdat dhr. Miedema riep dat zij een volledige sanering voorstaan. Die boodschap is nu helder.
Dhr. Dieters vraagt de gedeputeerde hoe hij omgaat met dat proces als de gemeente
Winschoten er niet in slaagt om het binnen twee jaar te saneren, gekoppeld aan het
vergunningstelsel. Voorts verzoekt hij beantwoording van de vragen die de insprekers naar voren
hebben gebracht over de damwand. Zou deze variant in beeld kunnen zijn? Dhr. Dieters had verder
het punt communicatie opgeschreven, alsmede de druk op de gemeente om variant 2 door te voeren.
Mw. Van der Graaf (ChristenUnie) geeft te kennen dat de gedeputeerde nog niet is ingegaan op de
vraag richting de toekomst. Hij heeft wel aangegeven niet te veel naar het verleden te willen kijken,
maar vooral vooruitgang te willen boeken. Mw. Van der Graaf vraagt wat er binnen de macht van de
gedeputeerde ligt om tot een goede oplossing te komen in deze situatie, de situatie van de
20
Meidoornlaan zelf en daarbij ook het wegnemen van onvrede en onrust bij de bewoners. Wat vindt
het College van hun oplossing aangaande damwanden?
Dhr. Swagerman (SP) stelt dat het gaat om een erg lange termijn. Het gaat om een overheid en
politiek in de plaats zelf, waarvan men op zijn minst kan stellen dat ze wel eens wat anders en wat
opener hadden moeten zijn. Men heeft ook nog te maken met wijzigende verantwoordelijkheden bij
de provincie als wordt gekeken naar wat de mogelijkheden van de provincie zijn. Dhr. Swagerman
denkt dat de les geleerd moet worden dat hier een oplossing uit moet komen. De woorden van de
gedeputeerde dat de afgelopen vijftien jaar nu eenmaal voorbij zijn, kunnen niet. Dat ligt niet op deze
weg, dat kan men niet maken. Dhr. Swagerman vond ook dat de gedeputeerde te veel op de rem
ging staan in zijn verantwoording en te veel vanuit het College praat door te stellen dat de bewoners
toch langs zijn geweest. Het is tweerichtingsverkeer, het moet niet alleen van de ene kant komen,
maar ook van de andere kant. Als dhr. Swagerman het zo beluistert, lijkt zich in de commissie al een
kleine meerderheid af te tekenen voor de oplossing die de bewoners in gedachten hebben, althans,
er wordt hard over nagedacht. Dat betekent ook dat inderdaad gezamenlijk over de kosten nagedacht
moet worden. Dhr. Swagerman vindt dat de provincie niet alles moet betalen, dat de gemeente ook
een deel voor haar rekening moet nemen. Dat er iets moet gebeuren, staat voor de SP-fractie buiten
kijf.
Dhr. De Vey Mestdagh (D66) herhaalt zijn vraag uit de eerste termijn met betrekking tot het verschil
van inzicht ten aanzien van de gezondheidsproblematiek. Hij begrijpt dat er uitgebreid met de
bewoners is gesproken, hij neemt aan ook over de variant die de bewoners nu voorstellen. Dhr. De
Vey Mestdagh vraagt de gedeputeerde aan te geven wat de extra kosten zouden zijn boven de € 6
miljoen van de variant die de bewoners voordragen. Voorts verzoekt hij om inzicht in de bij de
gedeputeerde bekende milieutechnische voordelen die dat zou bieden.
Dhr. Slager (gedeputeerde) geeft te kennen dat het niet een kwestie is van € 2 miljoen extra als het
over damwanden gaat. Dat kost veel meer dan € 2 miljoen extra. Daar zijn berekeningen van, alleen
zijn deze hier momenteel niet paraat. Dhr. Miedema stelde de vraag of het College het gebeuren van
1991 schriftelijk zou willen melden. Het College kan natuurlijk uitzoeken wat er precies gebeurd is en
dit op schrift te zetten. De gedeputeerde is bereid dit toe te zeggen. Misschien dat dan die
verschillende varianten er ook bij worden gestopt, dan weten de Staten wat aan de orde is geweest.
De variant van nu, waar de gemeente Winschoten voor heeft gekozen, kost circa € 6 miljoen. De
bijdrage van de provincie is € 2,3 miljoen. Dit is de bijdrage in geld die de provincie levert aan de
sanering. Daarnaast dient men zich te realiseren dat er heel veel tijd in gestopt is, in ambtelijk
overleg, etc. Vandaar dat er bij een andere gelegenheid wel gezegd is dat door alle inspanningen die
voor de Meidoornlaan verricht moesten worden, andere projecten wat zijn vertraagd.
Bestemmingsplan. De gedeputeerde moet hier het antwoord op schuldig blijven. Hij kent het
bestemmingsplan van de gemeente Winschoten op dit gebied niet. Daar gaat de gemeente
Winschoten over, niet de provincie. Dhr. Slager wil het wel voor de Staten navragen, maar het is niet
iets waar het College mee bemoeit of bemoeid heeft.
Dhr. Miedema (GroenLinks) stelt dat het de taak van de provincie is om bestemmingsplannen te
toetsen.
Dhr. Slager (gedeputeerde) geeft aan dat dit nu niet meer zo is. De gedeputeerde gaat ook niet over
ruimtelijke ordening en heeft niet alle bestemmingsplannen in zijn la liggen. Daar moet hij dus het
antwoord op schuldig blijven.
Wat gebeurt er als Winschoten niet voldoet aan de termijn van twee jaar? De gedeputeerde
denkt dat er dan overleg met de gemeente ontstaat, want dan zal Winschoten dit aan de provincie
moeten melden. De gedeputeerde heeft dhr. Abbas horen zeggen dat de bewoners niet zullen
toestaan dat er in hun tuinen iets gebeurt. Dat is ook iets wat vertraging op zou kunnen leveren. Dan
zal er dus overleg ontstaan tussen de gemeente en de provincie.
Is er sprake geweest van druk op de gemeente? Volgens de bijdrage van dhr. Abbas heeft de
gemeente voor variant 2 gekozen en moest dat onder druk van de provincie heel snel gebeuren. Dhr.
Slager heeft niet gezegd dat zij voor variant 2 moesten kiezen. Hij heeft wel gezegd dat als zij voor
een andere variant willen kiezen, zij zich wel moeten realiseren dat het bedrag dat de provincie
daarvoor beschikbaar heeft gesteld (€ 2,3 miljoen) niet verandert. Als Winschoten een duurdere
variant had gekozen, had dat niet betekend dat de provincie dan ook opeens twee keer zo veel geld
21
daaraan zou bijdragen. Dat is wat de druk op de gemeente wordt genoemd. Het is gewoon het
vertellen van de feiten.
De toekomst. De zaak ligt nu bij de Raad van State. Er zal over enige tijd een uitspraak
komen van de Raad van State. Op grond daarvan gaat de provincie in haar taak weer verder.
Ondertussen zal Winschoten druk bezig zijn met allerlei voorbereidingen van vergunningen, en
dergelijke zaken. Het klinkt afwachtend en dat is het eigenlijk ook. De provincie wil graag eerst de
behandeling van de Raad van State afwachten, gezien de rol die de provincie heeft.
Gezondheidsproblematiek. Bij de stukken voor deze vergadering heeft men het rapport
kunnen zien. Er zijn in het verleden een aantal malen onderzoekingen gedaan door UMCG, getoetst
door TNO, bloedonderzoekingen en andere, algemene gezondheidsonderzoeken. Bij geen van die
onderzoekingen is geconstateerd dat er een relatie is tussen de vervuiling en gezondheidsproblemen
in Winschoten. Dat een specialist van het UMCG, die hierbij betrokken is, professor Sauer vervolgens
zegt het niet te kunnen uitsluiten, is gewoon een uitspraak van een arts die altijd een slag om de arm
zal houden. Dat is de situatie met de gezondheid.
Communicatie. Er is vijftien jaar voorbij gegaan. ‘De gedeputeerde stapt daar wel heel
gemakkelijk overheen’. Dhr. Slager heeft aangegeven dat hij het niet meer kan veranderen. Hij stapt
er niet overheen. Hij heeft wel degelijk in die tussentijd gekeken wat er gebeurd is, wat er aan de
hand geweest is. De provincie trekt daar lering uit. Veranderen is echter niet meer mogelijk. Het
College probeert nu zo snel mogelijk hier tot een oplossing te komen.
Dhr. De Vey Mestdagh (D66) begrijpt dat de commissie van de gedeputeerde nog meer varianten
krijgt, met eventueel de prijskaartjes die daar aan hangen. Hij herinnert aan zijn vraag of men daar
ook bij zou willen beschrijven waarin de milieutechnische voordelen verschillen bij de verschillende
varianten. Mocht de commissie op basis daarvan verder willen spreken, heeft zij dat op zijn minst
nodig.
Dhr. Dieters (PvdA) sluit zich hierbij aan.
Dhr. Slager (gedeputeerde) kan dit toezeggen.
De voorzitter proeft bij de gedeputeerde dat hij zegt dat het College verder gaat met de procedure
zoals deze nu loopt, dat men doorgaat op de ingeslagen weg. Hij heeft net toegezegd dat hij bereid is
om aanvullende informatie ter beschikking te stellen op een aantal punten. Als de Staten akkoord
gaan, kan het stuk worden doorgeleid naar de Statenvergadering als C-stuk.
Dhr. Miedema (GroenLinks) merkt op dat het wat GroenLinks betreft als C-stuk naar de Staten kan.
Als er nadere informatie van het College komt, kan dat altijd nog op de agenda worden gezet.
De voorzitter concludeert dat besloten wordt het stuk als C-stuk door te geleiden. Hij dankt de
insprekers.
Pre-advies m.b.t. bewonersbrieven aan de gemeente
De bewoners hebben naar aanleiding van de door hen verzonden brieven (3 stuks) omtrent: 1- een door de gemeente niet aangehouden stortvrije strook van 37 meter, welke was bedongen in het koopcontract tussen enerzijds de gemeente en anderzijds de toenmalige eigenaar de firma Jager. 2- een verzoek tot verlaging van de WOZ waarde en aanpassing van de belasting terzake, eveneens met terugwerkende kracht verrekening tot aan 1995 en 3- Aansprakelijkheidsstelling ten aanzien van geleden materiele schade en immateriele schade welke is geleden door de bewoners van de Meidoornlaan, de politiek kunnen bewegen om aan het college een pre-advies te vragen. Hier zijn de stukken te raadplegen, welke ten aanzien van dit pre-advies relevant worden geacht. Met name een quick-scan rapportage van Tauw in opdracht van de gemeente is hierbij interressant. Is er nu sprake van aansprakelijkheid bij de gemeente of is de boel inmiddels verjaard? Hoe deze vraag ook wordt beantwoord, in alle gevallen is er wellicht weer sprake van een stuitend einde.